Advies gezondheidsraad over Wet BIG
Op verzoek van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft de Gezondheidsraad onderzocht hoe de wet BIG toekomstbestendig gemaakt kan worden. Steeds meer beroepsgroepen vragen om regulering via de Wet BIG, maar het is onduidelijk hoe de minister beslist welke beroepen ook echt opgenomen worden in de wet BIG. Dit geldt ook voor voorbehouden handelingen. In het advies stelt de Gezondheidsraad daarom twee duidelijke en transparante toetsingskaders voor, één voor het toelaten van beroepen in de wet BIG en één voor het toekennen van voorbehouden handelingen. Aanvullend adviseert de Gezondheidsraad de oprichting van een onafhankelijke toetsingsinstantie die de minister moet adviseren bij besluiten over de regulering van beroepen en de aanwijzing van voorbehouden handelingen, en een periodieke herbeoordeling van de beroepen die al in de wet zijn opgenomen.
Het advies is tot stand gekomen in overleg met diverse experts en beroepsorganisaties. Ook het NIP heeft, via de FGzPt, aan het advies meegewerkt.
De toetsingskaders voor de beroepenregulering en voorbehouden handelingen zijn gebaseerd op de al bestaande criteria. Voor psychologen verandert er dus voorlopig niets. Wel komt er, als de minister het advies volgt, meer duidelijkheid over de gronden waarop toekomstige besluiten worden gebaseerd.
Over de Wet BIG
De Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) heeft twee doelen:
- het bewaken en bevorderen van de kwaliteit van de beroepsuitoefening en
- het beschermen van de cliënt tegen ondeskundig en onzorgvuldig handelen door beroepsbeoefenaren in de individuele gezondheidszorg.
De wet doet dit o.a. met twee regelingen:
- De regeling beroepenregulering: Bepaalde beroepen zoals de gz-psycholoog zijn wettelijk beschermd. Alleen zorgverleners die aan wettelijk vastgelegde opleidingseisen voldoen mogen deze titel voeren.
- De regeling voorbehouden handelingen: Deze regeling legt medische handelingen vast die alleen door daartoe bevoegde professionals mogen worden uitgevoerd, omdat ze risico’s opleveren wanneer ondeskundig uitgevoerd.
Met deze twee regelingen grijpt de overheid in in de vrije beroepsuitoefening. Zij doet dit alleen als het echt nodig is en ze het inperken van de keuzevrijheid kunnen rechtvaardigen (nee, tenzij principe).
In het advies benadrukt de Gezondheidsraad dat de zorg niet alleen gaat om BIG-gereguleerde beroepen. Ook andere zorgprofessionals leveren een waardevolle bijdrage aan veilige en kwalitatieve zorg. De nieuwe toetsingskaders moeten zorgen voor meer transparantie, voorspelbaarheid en zorgvuldigheid in de besluitvorming, zonder af te doen aan de diversiteit en samenwerking in de zorg.
Reactie VWS
Voor de zomer heeft de (voormalige) minister van VWS aangeven dat zij positief staat tegenover het advies van de Gezondheidsraad en gaat onderzoeken hoe de voorgestelde kaders kunnen worden uitgewerkt. Het Zorginstituut zou bijvoorbeeld de rol van de onafhankelijke adviescommissie kunnen invullen. Wat er gaat gebeuren met het advies na het vertrek van minister Jansen is het nog onduidelijk. Het NIP zal de ontwikkelingen blijven volgen.