GITPD als behandelmethode
GITPD staat voor Guideline Informed Treatment for Personality Disorders. Dit is een behandelkader voor jongeren met persoonlijkheidsproblematiek, gebaseerd op actuele richtlijnen en wetenschappelijke inzichten. Roxanne Hummel werkt bij Karakter Kinder- en Jeugdpsychiatrie als GZ-psycholoog en cognitief gedragstherapeut (VGCT), binnen het GITPD-jeugd team. Ze neemt ons mee in haar werk en illustreert met een casus hoe haar vakgebied en dat van de revalidatie elkaar kunnen kruisen.
Dag collega psychologen,
Wat leuk dat we door Hannie van Beers werden gevraagd om iets te schrijven over persoonlijkheidsproblematiek voor in de nieuwsbrief van de sectie Revalidatie van het NIP! Mijn naam is Roxanne Hummel en ik werk bij Karakter Kinder- en Jeugdpsychiatrie binnen het GITPD-jeugd team in Arnhem. De term GITPD zal voor sommigen misschien nog nieuw zijn, daarom nemen we jullie graag mee in ons werk.
GITPD staat voor Guideline Informed Treatment for Personality Disorders. Het is een behandelkader voor jongeren met persoonlijkheidsproblematiek, gebaseerd op actuele richtlijnen en wetenschappelijke inzichten. Binnen ons team behandelen we jongeren tussen de 13 en 20 jaar, samen met hun gezin of systeem, die vastlopen in hun persoonlijkheidsontwikkeling. We onderscheiden vier domeinen die cruciaal zijn voor de ontwikkeling van een gezonde persoonlijkheid: identiteit, zelfsturing, intimiteit en empathie. Tijdens een uitgebreide assessmentfase van zeven tot acht gesprekken onderzoeken we samen met de jongere en het gezin hoe het op deze domeinen gaat en waar de behandeling zich op zou moet richten. Daarna volgt een behandelfase, waarin we binnen het GITPD-jeugd behandelkader verschillende vormen van psychotherapie in kunnen zetten. Denk hierbij aan bijvoorbeeld cognitieve gedragstherapie, schematherapie, emotieregulatietherapie, traumatherapie en systeemtherapie. Ook bieden we gezinsbehandeling aan huis.
Veel jongeren worstelen met vragen als: Wie ben ik? Wat wil ik later worden? Waar hoor ik bij? Wat vind ik belangrijk? Wat zijn mijn doelen? Dat zijn complexe ontwikkelingsvragen, zeker wanneer er in de jeugd negatieve of ingrijpende ervaringen zijn geweest die deze zoektocht bemoeilijken. We weten ook dat de levensfase waarin deze jongeren zich bevinden extra gevoelig is voor het ontwikkelen van mentale klachten. Voor jongeren die te maken krijgen met een trauma van het lichaam, bijvoorbeeld door een ernstige ziekte of ongeluk, komen de persoonlijkheidsontwikkeling én de gezinsrelaties vaak nog eens extra onder druk te staan. Ze kunnen minder bezig zijn met typische ontwikkelingstaken en moeten zich richten op zaken die helemaal niet passen bij hun leeftijd, zoals medische zorgen en lichamelijke beperkingen.
Een voorbeeld waarin ons vakgebied en dat van de revalidatie elkaar kruisten, is de casus van Eva (gefingeerde naam). Eva is 16 jaar en werd aangemeld door de revalidatiearts. Sinds haar vroege jeugd heeft zij veel ziekenhuisbezoeken meegemaakt vanwege een hersentumor. De tumor is momenteel stabiel, maar veroorzaakt klachten zoals hoofdpijn, dubbelzien en evenwichtsproblemen. Eva woont in een intact gezin, heeft een oudere zus, gaat naar school en houdt van hiphopdansen. Bij aanmelding kampte Eva met somberheid, emotieregulatieproblemen, concentratieproblemen en vermoeidheid. Haar moeite met emotieregulatie uitte zich in automutilatie en suïcidale gedachten. In de assessmentfase werd duidelijk dat Eva zich nooit helemaal een onbezorgd kind heeft kunnen voelen. Ze is sterk afgestemd op de zorgen van haar ouders en heeft de neiging zichzelf weg te cijferen. Wanneer we haar vroegen wie zij is, bleef vooral één antwoord over: “het meisje met de hersentumor”. De jaarlijkse controles brengen veel spanning met zich mee en haar lichamelijke klachten beperken haar dagelijks functioneren. Eva ervaart verdriet en een gevoel van anders-zijn ten opzichte van leeftijdsgenoten die ogenschijnlijk onbezorgd hun leven leiden. Ze vindt het moeilijk om zich met hen te verbinden en voelt zich vaak alleen in haar ervaringen.
Kijkend naar de vier domeinen die we gebruiken voor persoonlijkheidsdiagnostiek, zien we dat drie van de vier domeinen onder druk staan bij Eva:
Identiteitsontwikkeling: Eva worstelt met een duidelijk gevoel van wie ze is buiten haar ziekte.
Zelfsturing: Ze heeft moeite om haar emoties en gedrag op een gezonde manier te reguleren, mede door de stress van haar ziekte.
Intimiteit: Ze vindt het moeilijk om diepe, betekenisvolle relaties aan te gaan met leeftijdsgenoten, omdat ze zich vaak anders voelt.
Daarnaast zijn er nare ervaringen rondom ziekenhuisbezoeken die de huidige spanningen alleen maar verergeren.
De behandeling heeft zich gericht op zowel de verwerking van nare ziekenhuiservaringen als het proces van acceptatie van haar huidige ziektebeeld. Via systeemgesprekken hebben we stilgestaan bij Eva’s neiging om haar ouders te “sparen” en niet haar emoties en zorgen met hen te delen. In individuele therapie hebben we gewerkt aan het versterken van haar identiteitsontwikkeling en haar vermogen om zich beter af te stemmen op haar eigen behoeften, los van haar ziekte. Eva en ouders kijken positief terug op de behandeling en Eva heeft meer grip op haar emoties gekregen. Haar identiteitsontwikkeling is versterkt en doordat zij zich meer kwetsbaar durft op te stellen, en de relatie met haar ouders en leeftijdsgenoten is versterkt.
Niet alleen kijkend naar deze casus, maar ook vanuit onderzoek weten we dat vroegtijdig signaleren van persoonlijkheidsproblematiek belangrijk en helpend is, juist bij jongeren die herstellen van lichamelijk trauma of leven met een chronische aandoening. Vroegsignalering maakt in deze doelgroep een wereld van verschil. Signalen zoals aanhoudende stemmingsklachten, problemen met emotieregulatie, terugkerende conflicten met leeftijdsgenoten of spanningen binnen het gezin verdienen aandacht. In jullie werkveld zullen jullie waarschijnlijk regelmatig jongeren tegenkomen bij wie lichamelijke klachten op de voorgrond staan, terwijl de persoonlijkheidsontwikkeling ondertussen onder druk komt te staan en het gezinsfunctioneren ontregeld raakt. Juist daar raken onze werkvelden elkaar. Hoe leuk, interessant en waardevol is het als we elkaar daarin weten te vinden!